Implantatie van een pacemaker

Ons hart is uitgerust met een soort elektrisch startsysteem dat vele malen per minuut de hartspier een prikkel geeft om samen te trekken. Zo wordt het bloed uit het hart gepompt en verspreid in het lichaam. Als het eigen elektrische systeem van het hart minder efficiënt wordt en een lage hartslag veroorzaakt, kan de hartspier via een uitwendige bron worden gestimuleerd om het hart te laten samentrekken. Door middel van een kleine ingreep wordt een pacemaker ingeplant.

Een pacemaker is een klein elektronisch toestel dat met een bepaalde regelmaat en sterkte via een elektrode een elektrische prikkel naar het hart stuurt om het kunstmatig te doen samentrekken. Die prikkel kan continu gegeven worden of enkel indien nodig. De pacemaker kan zo uw hartritme opnieuw goed regelen.

Het doel van de ingreep is een goede regeling van het hartritme.

Spreek met uw arts en verpleegkundige over de ingreep. De verpleegkundige neemt graag de tijd om naar uw ervaringen te luisteren en uw vragen te beantwoorden. Na de ingreep bespreekt de arts de resultaten met u en met uw familie. Hij neemt ook de tijd om u voldoende uitleg te geven. Stel gerust alle vragen waar u graag een antwoord op wil.

Voorbereiding op de ingreep

Een verpleegkundige bevraagt u naar onderstaande informatie over uw gezondheid:

  • Allergieën : reageert u allergisch (roodheid, jeuk, uitslag …) op geneesmiddelen, ontsmettingsstoffen, kleefpleisters, voedingsmiddelen, contraststoffen …
  • Welke geneesmiddelen neemt u thuis?
  • Lijdt u aan andere aandoeningen en/of onderging u eventuele ingrepen?

De implantatie gebeurt door middel van een kleine chirurgische ingreep, meestal onder plaatselijke verdoving. Voor de ingreep wordt er een foto van uw borstkas genomen en wordt er een bloedonderzoek uitgevoerd. Afhankelijk van het tijdstip van de operatie krijgt u al dan niet een ontbijt.

De verpleegkundige onthaart uw linkerschouder, bovenarm en oksel en u krijgt een infuus in uw rechteronderarm. Uw juwelen (horloge, ringen, …) geeft u best mee met uw familie om te voorkomen dat ze verloren raken. Bij het vertrek naar de operatiezaal wordt eventueel uw kunstgebit verwijderd. Om uw nachtkleed/pyjama niet te bevuilen met ontsmettingsstof, krijgt u een operatieschort van het ziekenhuis.

Verloop van de ingreep

De ingreep wordt uitgevoerd onder lokale verdoving. De arts maakt een opening in de huid ter hoogte van het schouder/halsgebied en schuift via een ader één of twee zeer dunne draden tot in het hart. Aan het andere uiteinde van de draden sluit hij de eigenlijke pacemaker aan. De arts plaatst het toestelletje (met batterij) onder de huid. Onmiddellijk na de ingreep wordt er een RX-beeld genomen ter controle van de positie van de pacemakerelektrode(n).

Na de ingreep

Na de ingreep kan u terug naar uw kamer waar de verpleegkundige de werking van de pacemaker nauwkeurig opvolgt. De eerste 24 uur is het belangrijk dat u uw linkerarm niet beweegt om de wonde goed te laten genezen en de elektrode goed ter plaatse te houden. U houdt tot de volgende morgen ook bedrust zodat uw lichaam zich kan aanpassen aan het nieuwe ritme.

Uw familie mag u gerust bezoeken na de ingreep. Ongeveer 6 uur na de ingreep mag u terug eten.

Het is mogelijk dat rond de snede een hematoom (blauwe vlek) ontstaat. U laat uw linkerarm best nog voldoende rusten om een verplaatsing van de pacemakerelektroden te voorkomen.

De verpleegkundige controleert geregeld uw hartslag (via de pols) en bloeddruk. Indien nodig, helpt de verpleegkundige u met het ochtendtoilet en kijkt regelmatig de gehechte wonde na.